| |
Weeramateurs helpen KNMI bij onderzoek
naar stadsklimaat
In (grote) steden is het meestal warmer
dan buiten de stad. Dit
temperatuurverschil bedraagt vaak wel
enkele graden, en wordt meestal
aangeduid als "stadseffect" of
"stedelijk warmte-eiland". Het KNMI is
een onderzoeksproject gestart naar het
stadseffect in Nederlandse steden.
 |
|
Schematische weergave
van het stadseffect (het
temperatuurverschil
tussen de stad en het
buitengebied)
(Bron:KNMI)
|
|
Daarbij wordt onder meer gebruik
gemaakt van gegevens van
weeramateurs. Meer dan 150
weeramateurs, waarvan velen in
de stad meten, delen hun
temperatuurgegevens met het
KNMI, dat met deze gegevens
onderzoek doet naar het
Nederlands stedelijk
warmte-eiland.
Naar aanleiding van de problemen
met hitte in de zomers van 2003
en 2006, is in de landelijke
onderzoeksprogramma's Klimaat
voor Ruimte (KvR) en Kennis voor
Klimaat (KvK) ruimte gemaakt
voor onderzoek naar het
stedelijk warmte-eiland.
De onderzoeks-programma's
richten zich op onderzoek dat
kan bijdragen aan een meer
'klimaatbestendige' inrichting
van Nederland. Door onderzoek te
doen naar stadseffect, kan onder
andere beter worden bepaald in
hoeverre in Nederlandse steden
in de zomer rekening moeten
worden gehouden met extra
problemen door hitte. Overigens
komt het stadseffect ook in de
winter voor. |
Het doel van dit onderzoek is een betere
schatting te kunnen maken van de sterkte
van het stedelijk warmte-eiland in
Nederlandse stede Daarbij wordt aandacht
besteed aan de variatie van het
stadsklimaat tussen onder andere
verschillende weertypes, momenten van de
dag en seizoenen. Afhankelijk van de
plaatsing van de gebruikte meetpunten
van onder andere weeramateurs, kan er
wellicht ook iets gezegd worden over de
invloed van verschillende typen
bebouwing op het stadseffect.
Met de website "Het weer actueel" is een
overeenkomst gesloten voor
gegevensuitwisseling. Meerdere keren per
uur sturen de weeramateurs via deze
website hun meetgegevens naar het KNMI.
Deelnemende weeramateurs hebben
individueel kunnen aangeven of ze aan
deze gegevensuitwisseling willen
deelnemen. Door deze uitwisseling kan
het KNMI beschikken over een uitgebreid,
landelijk netwerk van temperatuurmeters,
waarvan een belangrijk deel zich bevindt
in de stad. Naast deze gegevensbron
worden gegevens uit het
Gladheidsmeldsysteem (GMS) van
Rijkswaterstaat gebruikt. Dit is een
netwerk van temperatuurmeters langs
Rijkswegen door heel Nederland.
Het KNMI werkt in dit onderzoeksproject
samen met Wageningen Universiteit, de
Regio Rotterdam en het Waterkader
Haaglanden. Voorlopige resultaten en
meer informatie over het onderzoek naar
het stedelijk warmte-eiland zijn te
vinden op de website van het KNMI.
25-01-2010
Bron: KNMI
|
|