In het weerbericht is het
voor veel mensen belangrijke informatie: breekt
de zon er nog door of hoe lang blijft de zon
schijnen? Maar ook voor de bepaling van het
klimaat,en bijvoorbeeld recreatie en landbouw is
het van belang hoe vaak de zon schijnt. Op
weerstations wordt dat dagelijks gemeten.
Tegenwoordig wordt die informatie afgeleid uit
de de totale hoeveelheid straling, de zogenoemde
globale straling.
De meest gebruikte meter
is de Campbell-Stokes recorder, die in 1853 door
John Francis Campbell werd uitgevonden en in
1879 werd verbeterd door Sir George Gabriel
Stokes. De Ierse natuurkundige George
Stokes bracht verbeteringen aan, vandaar de
benaming Capmbell-Stokes. Het Engels
observatorium in Kew begon er in 1880 als eerste
de zonneschijnduur mee te meten. Die meetreeks
is precies honderd jaar voortgezet.
Het instrument bestaat uit een glazen bol die
als brandglas werkt. Achter de bol was een
papieren strook gespannen met een indeling in
uren. De "bewegende" zon brandde in die
papierstrook een brandspoor. Zodra er wolken
voor de zon kwamen werd dat spoor onderbroken.
Uit de totale lengte van het brandspoor kon de
duur van de zon worden ingeschat.
De Campbell-Stokes had echter nadelen. De glazen
bol moest schoon blijven en ook dauw kon voor
afwijkingen zorgen. Bovendien werden de stroken
stuk voor stuk handmatig door zoveel mogelijk
dezelfde medewerker uitgelezen. Nu wordt dus een
andere meetmethode gehanteerd, maar dat betekent
wel dat de huidige metingen niet zomaar
vergelijkbaar zijn. In De Bilt wordt de zon ook
nog op de oude manier gemeten om de gegevens te
vergelijken.
Campbell-Stokes foto:KNMI
Davis solar sensor
Pyranometer
Tegenwoordig wordt die informatie afgeleid uit
de de totale hoeveelheid straling, de zogenoemde
globale straling. Om dat te meten wordt een
pyranometer gebruikt, waarmee langs
elektronische weg door middel van sensoren wordt
gemeten. Een half glazen bolletje dient als
beschermkapje van de sensor om deze te
beschermen tegen vocht en neerslag. Het kapje
moet uiteraard ook goed schoon gehouden worden
om meetfouten te voorkomen. De pyranometer meet
de globale straling in Joules per vierkante
meter. Hieruit wordt via een formule de duur van
de zonneschijn berekend.
Op advies van de Wereld Meteorologische
Organisatie is men in 1992 overgegaan op deze
methode.